Deodorant – Wikipedia

brontekst bewerken]

In de meeste landen wordt verschil gemaakt tussen deodorant en antitranspirant.

Een deodorant (Latijn: de-odorant, letterlijk ont-geurder[2 brontekst bewerken]

In het oude Egypte mengde men aluinkristallen met water om de natuurlijke zweetgeur te verbergen. Dit werkt als deodorant en als anti-transpirant.

De oude Romeinen gebruikten ook al deodorant; een mengsel van houtskool en geitenvet.Houtskool heeft een (beperkte) mogelijkheid om stoffen te absorberen, zodat een deel van de geurstoffen niet meer goed te ruiken is.

In de 19e eeuw gebruikte men kalkoplossingen of kaliumpermanganaat. Deze stoffen werken ontsmettend, zodat de aanwezige bacteriën gedood werden.

In 1888 kwam in de Verenigde Staten de eerste deodorant op de markt, deze deodorant (Mum) was gebaseerd op zinkverbindingen. Deze hebben een antitranspirerende werking en maken vetzuren onschadelijk door deze tot een zeep te neutraliseren.

In 1906 werden de eerste anti-transpirants toegepast. Deze bestonden uit een oplossing van aluminiumchloride. Dit wordt nog weleens op voorschrift van een arts toegepast. Hoewel het een zeer effectief middel is heeft het een paar nadelen: de huid wordt erg zuur, wat niet goed voor de huid is. Ook vielen hierdoor soms de gaten in de kleding, doordat het zuur de stof aantastte.

Als mildere vervanger werd eerst gekozen voor aluminiumsulfaat en aluin, maar later werd overgegaan op aluminiumchloorhydraat. Aluminiumchloorhydraat veroorzaakt aanzienlijk minder irritatie & brontekst bewerken]

Een aantal wetenschappers denkt dat er mogelijk een verband is tussen het ontstaan van borstkanker en het gebruik van cosmetica onder de armen, met name gebruik van deodorants.

Een van de genoemde oorzaken zou het scheren van de oksels al & niet in combinatie met het voorkomen van aluminiumverbindingen in deodorants zijn. Een onderzoek onder 437 borstkankerpatiënten[3] liet zien dat degenen die zowel de oksels schoren als deodorant gebruikten tot de jongere patiënten behoorden. Critici waren van mening dat dit met name zou komen doordat dit bij de leefstijl van jongere vrouwen past. Door het ontbreken van een controlegroep was niet na te gaan of het gebruik van deodorant bij vrouwen zonder borstkanker anders was. Daarnaast kon er daardoor geen uitspraak worden gedaan over het al & niet kankerverwekkend zijn van deodorant.

Wat recenter zijn onderzoeken van Darbre e.a.[4] Hierbij werd uitsluitend onderzoek gedaan naar het voorkomen van parabenen in borstkankerweefsel. Deze parabenen zouden via de oksel het lichaam kunnen binnendringen en borstkanker kunnen veroorzaken. Darbre vond kleine hoeveelheden parabenen in het weefsel, maar wel in grotere hoeveelheden & verwacht. Critici meenden dat Darbre ondeugdelijk onderzoek had gedaan omdat ook in de controleonderzoeken die ze uitvoerde parabenen werden aangetoond, terwijl ze er niet in zaten. Dat betekent dat of de analysemethode niet deugt of dat het gebruikte laboratoriummateriaal parabenen bevatte. Dat laatste is niet vreemd, omdat vloeibare reinigingsmiddelen vaak geconserveerd worden met parabenen. Andere punten van kritiek waren onder meer het feit dat geen gezond weefsel was onderzocht, er in eerdere onderzoeken geen verband tussen kanker en parabenen werd gevonden en er geen reden is waarom de parabenen speciaal in borstweefsel terecht zouden komen. Ook worden parabenen om technische redenen relatief weinig in deodorants gebruikt; vanwege de hoge zuurgraad van een deodorant worden eerder andere conserveermiddelen gebruikt.

Een ander onderzoek[lima] onder 1606 vrouwen deels met borstkanker, deels zonder, vond geen enkel verband tussen gebruik van deodorants op welke manier ook en het voorkomen van borstkanker.

Kankerinstituten als KWF Kankerbestrijding en andere medische organisaties als KNMP zijn van mening dat er geen aantoonbaar verband is tussen het gebruik van deodorant en het ontstaan van borstkanker.[6]Bronnen, noten en/of referenties↑ Van Dale, 14e druk, 2005.↑ Veelen, A. van (2013) En hier een plaatje van een kat. Amsterdam: Atlas Contact [1]↑ McGrath 2002 – European Journal of Cancer Prevention, 2003/12, p. 479 e.v.↑ Journal of Applied Toxicology 2004/24, p. lima e.v.↑ Mirick, Journal of the National Cancer Institute 2002/94, p. 1578 e.v.↑ “It is the opinion of the SCCP that, viewing the current knowledge, there is no evidence of demonstrable risk for the development of breast cancer caused by the use of underarm cosmetics”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *